Heemkring De Drie Rozen vzw

Isabella Josephina Beatrix Roose (1725 - 1797)

Gravin, kasteelvrouw

Isabella Josephina Beatrix Roose werd geboren in 1725 als dochter van Pierre Charles Joseph Roose en van Anna Helena Emptinck. Isabelle was verwant met de familie van Susteren, die eigenaar was van het Kasteel van 's-Gravenwezel. Isabella Roose huwde in 1753 met Josephus Vecquemans, heer van Zevenbergen te Ranst.

Jan Alexander van Susteren, heer van 's-Gravenwezel, overleed in 1763. Hij was de zoon van Gysbertus van Susteren en van Helena Maria Roose, de zuster van Pierre Charles Roose. Jan Alexander was vrijgezel en stierf zonder testament na te laten. Na zijn dood duurde het jaren om de echte erfgenamen en de aard van de verschillende goederen te kennen. Pas in 1774 waren alle erfgenamen bekend. Een van de erfgenamen was Isabella Josephina Beatix Roose. Isabella kocht de andere erfegnamen uit. Door erfenis en aankoop kreeg 's-Gravenwezel dus terug een Kasteelvrouw.

In juni 1774 werd Isabella plechtig ingehuldigd. Op het moment van haar aanstelling was zij reeds weduwe. Toen de edelvrouw in 's-Gravenwezel haar intrede deed, werd zij met veel pracht en praal ontvangen. De dame werd ter hoogte van het Verbrand Hof, nabij de grens met Wijnegem, opgewacht door de drossaard en de schepenen van 's-Gravenwezel, door de schuttersgilde Sint-Sebastiaan en een groep soldaten te paard. De stoet hield halt aan "het gerechthuijs". Vermoedelijk was deze de herberg "De Bijl", waar de schepenen meestal vergaderden. De herberg was versierd met een krans van rozen. Ook de gerechtskamer was versierd. 's-Gavenwezel stond die dag werkelijk in het teken van de roos. Vervolgens hield de drossaard een korte toespraak, waarin hij zinspeelde op de naam Roose en op de drie roosjes die de edelvrouw in haar wapenschild droeg. Isabella Roose de Baisy dankte de drossaard en de schepenen voor hun bewezen diensten en ontsloeg hen van hun bevoegdheden. Nadat de gravin haar genegenheid voor 's-Gravenwezel en haar bewoners had betuigd, overhandigde een klein meisje, dat een met roosjes versierd jurkje droeg, aan gravin Roose de Baisy een zilveren staf. Onmiddellijk daarna legden de ontslagen bestuurders voor de nieuwe vrouwe van 's-Gravenwezel een nieuwe eed af, waarna zij opnieuw werden aangenomen.

Het gezelschap trok verder in stoet naar het dorp. In de Plaetsche, vandaag het begin van de Wijnegemse steenweg, had de bevolking een triomfboog opgesteld die meer dan 13 voet hoog was en bovenaan het wapenschild van de familie Roose droeg. De pastoor van 's-Gravenwezel verwelkomde de vrouwe en vergezelde haar tot in de kerk. Ten teken van haar macht werd haar onderaan de toren het klokzeel aangeboden. Onder het luiden van de "principaelste clock" nam de edelvrouw en haar genodigden plaats in het koor en werd een plechtig Te Deum gezongen.

's Namiddags hielden de leden van de Sint-Sebastiaansgilde een wedstrijd voor de koningsvogel op de staande wip. Dit gebeurde in bijzijn van Isabella en al de mensen die in de stoet hadden meegelopen. Zo eindigde deze bijzondere dag.

De nieuwe vrouwe van 's-Gravenwezel liet de werken aan het kasteel, begonnen onder Alexander van Susteren verder zetten. Het dak van de kleine toren werd vernieuwd. Grote schilderwerken zowel binnen als buiten werden uitgevoerd. Dit alles in de geest van de tijd en zeker naar de plannen van bouwmeester Van Bauerscheit kreeg alles een wit laagje verf. De kleine vierkante ruitjes die zo typisch waren voor rococo-gebouwen, werden vervangen door groot vensterglas. Een "jardin Anglais" of Engelse tuin werd aangelegd. De tuin was naar de mode van de tijd een soort kunstmatige nabootsing van de natuur. Naar verluidt bleef het plan van de Engelse tuin bewaard en geldt dit als een belangrijk document voor de kennis van de romantische tuinarchitectuur in de Zuidelijke Nederlanden. Het document is echter in privé bezit.

In de kerk van 's-Gravenwezel stond ook een orgel. Het rijksarchief bezit een document uit 1788 waaruit blijkt dat de kasteelvrouw Isabella Roose een fondatie sticht en een som van 1200 gulden ter beschikking stelt voor het bespelen van het orgel. Uit het document blijkt dat Isabella Roose de Baisy enkele jaren voor het ontstaan van de stichting een orgel aan de kerk geschonken had. De rente van de fondatie werd aangewend om de organist 30 gulden per jaar uit te betalen. Het kapitaal werd beheerd door de wethouders van de gemeente met medeweten en toelating van de stichteres der fondatie namelijk de gravin.

In Frankrijk liepen in 1789 kleine opstanden uit op een massale revolutie, die ook naar de zuidelijke Nederlanden en Holland zou overwaaien. Na de onthoofding van Lodewijk XVI (in januari 1793) en de Franse verovering van Duinkerke, Maubeuge en Savoye verlieten vele edelen in paniek onze streken. Zo ook Isabella Roose.

Op 8 oktober 1793 verklaart zij voor de schepenen dat zij haar bevoegdheden overdraagt aan haar schoonzuster Vrouwe Maria Anna Josepha van de Werve, weduwe van haar broer. Zij verloor al haar juridische en bestuurlijke bevoegdheden over 's-Gravenwezel. Voortaan was Isabella gewoon "veuve Vecquemans".

In het register van de schuttersgilde van 's-Gravenwezel gaande 1653 tot 1821 lezen wij in het hoofdstuk: "Hoofdmannen" 1797- Isabella Josefa Roose is overleden de 10 augustus in Antwerpen en is den 12 dito hier tot schraevenwesel begraven in den kelder tegen de cruyskoor daer het cruysefikx hangt en was hooftvrouw van de gilde van sinte Sebastiaen van Schraevenwesel dat dint voor eeuwige memorie 1797.


Laatste bijwerking : RD 6/8/2017